|
|
TITEL VIII. - Commissie goederenvervoer over de weg |
Art 39
§ 1. Een commissie wordt ingesteld bij het bestuur dat bevoegd is voor het vervoer van zaken over de weg, onder de benaming Commissie goederenvervoer over de weg.
§ 2. De Commissie goederenvervoer over de weg heeft volgende functies :
[1° uit eigen beweging of op verzoek van de Minister, aan deze laatste een gemotiveerd advies geven over elke kwestie in verband met het vervoer van zaken over de weg en in het bijzonder over :
[2° bij de minister een gemotiveerd voorstel indienen met betrekking tot het instellen van een vordering tot staking, gegrond op artikel 97, punten 17 of 18, van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument;] (vervangen Wet 24-03-2003 BS. 08-4-2003)
3° aan de minister of zijn gemachtigde, een gemotiveerd advies geven vóór elke beoordeling van betrouwbaarheid, overeenkomstig artikel 8, § 5, 3°;
4° aan de minister of zijn gemachtigde, een gemotiveerd advies geven vóór elke herziening van een ongunstige beslissing :
a) wegens het niet daadwerkelijk of niet permanent leiden van de vervoerswerkzaamheden van de onderneming door een persoon die houder is van het getuigschrift of bewijs van vakbekwaamheid, overeenkomstig artikel 10, § 3;
b) wegens de niet-naleving van de criteria betreffende de bedrijfszetel overeenkomstig artikel 18.
[Voor het volbrengen van zijn functies mag de commissie zich documenteren bij de griffies van de hoven en rechtbanken, alsook bij elke private persoon of elke publiekrechtelijke persoon.] (toegevoegd Wet 24-03-2003 BS. 08-4-2003)
§ 3. De Koning bepaalt :
1° de samenstelling van de Commissie goederenvervoer over de weg;
2° de procedure voorafgaand aan het onderzoek van de dossiers alsook de werking van de commissie.
§ 4. De Koning kan de hem bij § 3, 2° verleende bevoegdheden overdragen aan de minister.
§ 5. De minister benoemt de voorzitter en de leden van de Commissie goederenvervoer over de weg evenals hun plaatsvervanger.
|
|
|
|||||
|
|
|