HOOFDSTUK Il Goedkeuring (Constructeurs en de goedkeuring)
ART 4 ERKENNING VAN DE BEVOEGDE CONSTRUCTEURS.
§1
Kunnen slechts de bij artikel 3 bedoelde goedkeuring bekomen, de personen die vooraf door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde als bevoegd constructeur werden erkend.
§2
§3
Een afzonderlijke erkenning is vereist ingeval een constructeur zowel auto's als aanhangwagens bouwt.

ART 5 AANVRAAG OM ERKENNING ALS BEVOEGD CONSTRUCTEUR.
§1
Wie wenst erkend te worden als bevoegd constructeur van chassis of zelfdragende voertuigen moet bij het Bestuur van de Verkeersreglementering en van de Infrastructuur een schriftelijke aanvraag indienen, opgesteld op het door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde hiervoor voorzien formulier.
Wanneer eenzelfde persoon wenst erkend te worden voor het bouwen van auto's en van aanhangwagens, dient de aanvraag en haar bijlagen in twee exemplaren ingediend te worden.
§2 De aanvraag moet vergezeld gaan:
- Van het bewijs dat de aanvrager werkelijk het beroep uitoefent van constructeur van chassis of zelfdragende voertuigen waarvoor hij wenst erkend te worden als bevoegd constructeur.
Dit bewijs mag worden geleverd door middel van een uittreksel uit het handelsregister, de bijlagen tot het Belgisch Staatsblad waarin de volledige tekst van of een uittreksel uit de akte tot oprichting van de maatschappij en de eraan toegebrachte wijzigingen bekendgemaakt worden of, wanneer het om een in het buitenland gevestigde constructeur gaat, van hetgeen zulks vervangt;
- Van de rechtvaardiging van voldoende waarborgen.
Deze rechtvaardiging moet een beschrijving omvatten van de middelen waarover de constructeur beschikt om typen van chassis of zelfdragende voertuigen te ontwerpen, uit te voeren en te waarborgen die bij gebruik alle veiligheid bieden en voldoen aan de eisen welke inzake voertuigconstructie zijn te stellen. Er moet ook bewezen zijn dat de constructeur over het nodige bevoegd personeel beschikt om de gevraagde berekeningen en plans te verwezenlijken en om de verschillende formaliteiten tot het bekomen van de goedkeuring te vervullen.
De Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde kan de persoon, die het bewijs levert van de constructie en de levering in België, tussen 1 januari 1963 en 1 januari 1968, van tenminste vijftig voertuigen, behorend tot de categorieën welke in de aanvraag om erkenning bedoeld zijn, geheel of gedeeltelijk vrijstellen van deze rechtvaardiging;
- Van een door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde voorzien formulier met de naam, de voornamen, de functie en de typehandtekening van de persoon of de personen die technisch bevoegd zijn om de constructeur op geldige wijze te binden en met een exemplaar van de officiële stempel van de constructeur;
- Wanneer de constructeur buiten de Europese Gemeenschap is gevestigd, van het bewijs dat hij tenminste een in de Europese Gemeenschap gevestigde persoon heeft gemandateerd om de verplichtingen na te komen welke voortvloeien uit de reglementsbepalingen met betrekking tot de goedkeuring van de typen van chassis of zelfdragende voertuigen, voor elke hiernavolgende categorie van voertuigen:
- personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen;
- autobussen en autocars;
- auto's opgevat en gebouwd voor het vervoer van zaken;
- aanhangwagens en opleggers.
§2bis.
De erkenning, als bevoegd constructeur, van iedere persoon, die wenst chassis of zelfdragende voertuigen te bouwen, is ondergeschikt aan de voorafgaandelijke voorstelling van een prototype.
Indien dit prototype beantwoordt aan de goedkeuringsvoorwaarden wordt een voorlopige erkenning voor drie jaar verleend; bij het verstrijken van die periode kan de blijvende erkenning aangevraagd worden.
§3
Elke wijziging van om het even welk gegeven van de aanvraag om erkenning of van de bijbehorende bewijsstukken moet, op straf van ongeldigheid van rechtswege van de erkenning, binnen de tien dagen door middel van een aangetekende brief ter kennis worden gebracht van het Bestuur van de Verkeersreglementering en van de Infrastructuur.
De erkenning als bevoegd constructeur wordt van rechtswege Ingetrokken aan iedere constructeur die gedurende een periode van zeven jaar, geen verzoek tot goedkeuring heeft ingediend bij het Ministerie van Verkeerswezen.

ART 6 PERSONEN GEMACHTIGD VOOR HET INDIENEN VAN DE AANVRAGEN OM GOEDKEURING.
§1
Zijn alleen gemachtigd voor het indienen van de aanvragen om goedkeuring:
1° voor de in de Europese Gemeenschap gevestigde bevoegde constructeurs, de constructeur of een door hem aangestelde mandataris;
2° voor de buiten de Europese Gemeenschap gevestigde bevoegde constructeurs, de in artikel 5, § 2 4, bedoelde mandataris.
§2
De constructeur brengt de naam, de firma of het adres van de mandataris(sen) die hij krachtens 1 van dit artikel heeft aangesteld ter kennis van het Bestuur van de Verkeersreglementering en van de Infrastructuur, Wegverkeer - Technische Directie.
Voor elke aanvraag om goedkeuring legt de mandataris de volle en algehele verantwoordelijkheid ten laste van de constructeur, zowel op het vlak van de conceptie als van de verwezenlijking van het voertuig.
§3
- De handtekening van elke persoon gemachtigd voor het indienen van de aanvragen om goedkeuring moet bij het Bestuur van de Verkeersreglementering en van de Infrastructuur worden neergelegd.

ART 7 AANVRAAG OM GOEDKEURING.
§1
De aanvraag om goedkeuring dient in twee exemplaren ingediend op het door de Minister van Verkeerswezen of zijn gemachtigde te dien einde voorzien formulier. Zij omvat een getuigschrift van de constructeur en een beschrijving overeenkomstig de bepalingen van de paragrafen 2 en 3 hierna.
§2
- In het getuigschrift van de constructeur moet, voor elk aan de goedkeuring onderworpen type, zijn aangegeven:
- het door hem gewaarborgde max. totaal massa
- het maximale hoogste massa op de grond onder de as of assen en, wanneer het om een oplegger gaat, het hoogste massa onder het steunpunt.
Voor de auto's moet worden vermeld of zij al dan niet mogen gebezigd worden voor het vervoer van personen.
Wanneer het trekken van aanhangwagens is toegestaan door de constructeur, moet het hoogste massa van de sleep eveneens zijn aangegeven.
- Voor de voor bijzonder gebruik gebouwde voertuigen, mag de constructeur daarenboven gewichten waarborgen, berekend in functie van een tot 25 km/u beperkte snelheid.
- Op het getuigschrift van de constructeur moeten de naam, voornamen en handtekening van een technisch bevoegde persoon alsmede de officiële stempel van de constructeur voorkomen zoals bedoeld bij artikel 5 §2 3.
§3.
De beschrijving moet vergezeld gaan van de bewijsstukken en plans voorzien bij het aanvraagformulier.
Die plans moeten op schaal zijn getekend volgens de Europese of Amerikaanse projectiemethode. Tevens moet de constructeur de justificatieberekeningen kunnen voorleggen die hem worden gevraagd.
§3bis.
- Voor de voertuigen met een maximale toegelaten massa van meer dan 3 500 kg die bestemd zijn voor het vervoer van goederen en die voldoen aan de bepalingen van artikel 32bis van dit besluit, dient de constructeur bepaalde referentiekenmerken van elk in dienst gesteld voertuig te verstrekken, inzonderheid de verdeling van de massa in functie van de wielbasis, de maximale lengte en het zwaartepunt van het voertuig
Deze kenmerken worden op een formulier vermeld dat zich aan boord van het voertuig moet bevinden en dat aan het station voor automobielinspectie dient voorgelegd te worden ter gelegenheid van de controle van de gelijkvormigheid van het voertuig met de voorschriften van bovenvermeld artikel 32bis evenals na elke verbouwing van het voertuig.
Het model van het formulier wordt door de Minister van Verkeerswezen of door zijn afgevaardigde bepaald.
- Voor de trekkende of getrokken voertuigen die bestemd zijn voor het vervoer van goederen, dient de constructeur, wanneer ze voldoen aan de bepalingen van bovenvermeld artikel 32bis voor elk voertuig de waarden van de koppelingsdraaistraal (RT) in de meest ongunstige omstandigheden van een bochtbeschrijving te verstrekken.
De koppelingsdraaistraal (RT) van een motorvoertuig dat bestemd is om een aanhangwagen of een oplegger te slepen is de straal van de cirkel beschreven door het centrum van de koppeling van de aanhangwagen of van de oplegger wanneer het voertuig volkomen ingeschreven is in een ringvormige baan met een buitenstraal van 12,50 m en een binnenstraal van 5,30 m.
De koppelingsdraaistraal (RT) van een aanhangwagen of van een oplegger is de straal van de cirkel beschreven door het centrum van de koppelingsring of van de koppelingspen, wanneer het voertuig volkomen ingeschreven is in de ringvormige baan met 12,50 m buitenstraal en 5,30 m binnenstraal en raakt aan de cirkel met een straal van 5,30 m.
De waarde van de koppelingsdraaistraal wordt op het in punt 1 vermelde formulier opgenomen.
- Bepaalde kenmerken van het in punt 1 vermelde formulier worden op een plaatje overgenomen dat op de rechterzijde van het trekkend voertuig, op een gemakkelijk toegankelijke plaats aangebracht wordt.
Het plaat je met inbegrip van zijn opschriften, moet onuitwisbaar zijn en van het model :zoals vastgesteld door de Minister van Verkeerswezen of door zijn afgevaardigde.
§4.
Een nieuwe aanvraag om goedkeuring van elk reeds goedgekeurd type van chassis of zelfdragend voertuig mag, tenzij belangrijke wijzigingen werden aan toegebracht, niet worden ingediend binnen één jaar na de afgifte van het oorspronkelijk proces-verbaal van goedkeuring .
§5.
Richtlijn 70/156 wordt geopende in een PDF bestand.
De aanvraag om goedkeuring mag vervangen worden door het EEG-goedkeuringsformulier, opgemaakt door één der landen van de Europese Gemeenschappen, overeenkomstig de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan of door het inlichtingsformulier opgemaakt door de constructeur. Deze richtlijn werd bekendgemaakt op bladzijde 9024 van het Belgisch Staatsblad (van 29 juli 1971).