![]() |
![]() |
|
TITEL III. - Het rijbewijs
HOOFDSTUK VIII. Retributies.Voor de hierna omschreven verrichtingen dient de ernaast vermelde retributie te worden betaald :.
|
Afgifte of vervanging van een voorlopig rijbewijs |
9,00 EUR |
|
Afgifte van een duplicaat van een voorlopig rijbewijs |
7,50 EUR |
| Afgifte van een rijbewijs | 16,00 EUR |
| Afgifte van een nieuw rijbewijs (artikel 49) | 11,00 EUR |
| Afgifte van een duplicaat van een rijbewijs (artikel 50) | 11,00 EUR |
| Afgifte van een internationaal rijbewijs | 16,00 EUR |
| Omwisseling van een rijbewijs | 11,00 EUR |
| Verzoekschrift aan de beroepscommissie | 12,50 EUR |
De uitreiking, in toepassing van het artikel 21, § 3, van een rijbewijs geldig voor de categorie A3, A, B, B+E of G, in toepassing van het artikel 21, § 3, geeft geen aanleiding tot het betalen van een vergoeding; deze bepaling is echter niet van toepassing op de rijbewijzen bedoeld in artikel 21, § 2.
De aanvrager betaalt deze retributie door middel van plakzegels van het type dat voorgeschreven is voor de inning van zegelrechten. Zij kunnen niet worden terugbetaald tenzij in het geval bedoeld in artikel 48, § 1.
De Minister kan de bedragen van de retributies aanpassen aan de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen.
In dit geval, vermenigvuldigt hij het bedrag van de retributies met het indexcijfer van de voorbije maand en deelt het resultaat door het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand waarin dit besluit in werking is getreden. Hij vermeerdert, in voorkomend geval, de uitkomst met ten hoogste 0,5 EUR of vermindert het met ten hoogste 0,49 EUR om een eenheid te verkrijgen. De aangepaste bedragen treden in werking de eerste dag van de tweede maand die volgt op de maand waarin ze in het Belgisch Staatsblad zijn bekendgemaakt.
§1. Aan de gemeenten wordt per afgegeven document een som van 3,75 EUR toegekend, overeenkomstig de door de Minister bepaalde regels.
Dit bedrag zal echter niet toegekend worden indien de aflevering van het document geen aanleiding heeft gegeven tot de betaling van enige vergoeding in toepassing van het artikel 61, tweede lid.
De Minister kan het bedrag bedoeld in het eerste lid aanpassen aan de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen. In dit geval, vermenigvuldigt hij dit bedrag met het indexcijfer van de voorbije maand en deelt het resultaat door het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand waarin dit besluit in werking is getreden. Het aangepaste bedrag treedt in werking de eerste dag van de tweede maand die volgt op de maand waarin het in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt.
§2. De in artikel 7 bedoelde overheid deelt aan de Minister of zijn gemachtigde het aantal voorlopige rijbewijzen, leervergunningen, rijbewijzen en duplicaten van deze documenten mee alsmede het aantal internationale rijbewijzen, die zij afgegeven heeft, met vermelding van de nummers van voormelde documenten.
Aan die lijst voegt zij de onbruikbaar geworden rijbewijzen, internationale rijbewijzen, voorlopige rijbewijzen en leervergunningen toe.
§1. Voor de examens worden de volgende retributies betaald :
|
In deze bedragen is de belasting over de toegevoegde waarde inbegrepen.
De Minister kan de bedragen van de retributies aanpassen aan de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen.
In dit geval, vermenigvuldigt hij het bedrag van de retributies met het indexcijfer van de voorbije maand en deelt het resultaat door het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand waarin dit besluit in werking is getreden. De aangepaste bedragen treden in werking de eerste dag van de tweede maand die volgt op de maand waarin ze in het Belgisch Staatsblad zijn bekendgemaakt.
De retributies worden voorafgaand aan het examen geïnd.
§2 De retributiebijslag bepaald in § 1 moet betaald worden door :
1° de kandidaat die zich niet aanmeldt voor een praktische proef waarvoor hij zich heeft laten inschrijven, zonder het examencentrum ten minste twee werkdagen, de zaterdag niet meegerekend, voor de dag van de proef te verwittigen.
Die bijslag is verschuldigd voor elke praktische proef waarvoor de kandidaat nalaat zich aan te melden. De kandidaat kan van het betalen van die bijslag worden vrijgesteld in geval van overmacht waarover de Minister of zijn gemachtigde oordeelt;
2° de kandidaat die zich voor het praktische examen heeft gemeld maar die het niet mocht afleggen om één van de volgende redenen :
3° de kandidaat wiens examen onderbroken werd omdat hij niet voldoende vertrouwd was met de plaats en het gebruik van de bedieningsorganen van het voertuig.
![]() |
|
|
|||||
|
|
|