![]() |
![]() |
|
TITEL III. - Het rijbewijs
HOOFDSTUK IV. Examens Afdeling V. - Praktisch examen
Het in artikel 23 § 1, 2° en 38 van de wet bepaalde praktische examen bestaat uit de in bijlage 5 opgesomde proeven.
Het examen wordt afgelegd met een voertuig van de categorie of subcategorie waarvoor het rijbewijs wordt aangevraagd.
Het examen wordt beoordeeld op de in bijlage 5 aangeduide wijze.
De inschrijving voor het praktische examen gebeurt volgens de regels en op de wijze goedgekeurd door de Minister of zijn gemachtigde.
Om toegelaten te worden tot het praktische examen moet de kandidaat sinds minder dan drie jaar geslaagd zijn voor het theoretische examen of ervan vrijgesteld zijn krachtens artikel 28.
[Het praktische examen kan binnen het volgende tijdsbestek plaatsvinden:
1° In geval van scholing met een voorlopig rijbewijs:
a) op zijn vroegst één maand na de afgifte van dat bewijs, behalve in geval van een examen voor het behalen van een rijbewijs van de categorie B ;
b) in geval van een examen voor het behalen van een rijbewijs van de categorie B :
op zijn vroegst zes maanden na afgifte van het voorlopige rijbewijs als het om een bewijs volgens model 1 gaat ;op zijn vroegst drie maanden na afgifte van het voorlopige rijbewijs als het om een bewijs volgens model 2 gaat ;op zijn vroegst negen maanden na afgifte van het voorlopige rijbewijs als het om een bewijs volgens model 3 gaat ;
2° In geval van scholing met een leervergunning, op zijn vroegst twaalf (12) maanden na afgifte van die leervergunning.]
[ ] wordt vervangen als volgt : invoege 1 sept 2006
« Het praktisch examen kan op zijn vroegst één maand na de afgifte van het voorlopige rijbewijs model 3 plaatsvinden. »
|
|
|
|||||
|
|
|