04 mei 2007. - Koninklijk besluit betreffende het
rijbewijs,
de vakbekwaamheid en de nascholing
van bestuurders van voertuigen van de categorieën C, C+E,
D, D+E en de subcategorieën C1, C1+E, D1,
D1+E.
BIJLAGE
Bijlage 1.
Art. N. Lijst van de onderwerpen met betrekking tot de
basiskwalificatie en de nascholing.
1. Nascholing in
rationeel rijden op basis van de
veiligheidsvoorschriften.
rijbewijs C, C+E, C1, C1+E en D, D+E, D1, D1+E
1.1. Doelstelling : kennis van de kenmerken van de
krachtoverbrenging met het oog op een optimaal gebruik.
Koppelkrommen, van het vermogen en van het specifiek
brandstofverbruik van een motor, optimaal gebruiksbereik
toerenteller, dekkingsdiagrammen overbrengingsverhoudingen;
1.2. Doelstelling : kennis van de technische kenmerken en
de werking van de veiligheidsvoorzieningen teneinde het
voertuig onder controle te houden, de slijtage te beperken
en disfuncties te voorkomen.
Specifieke eigenschappen van het hydropneumatisch
remcircuit, grenzen aan het gebruik van remmen en
retarders, gecombineerd gebruik van remmen en retarder, het
vinden van de beste bij een snelheid passende versnelling,
benutting van de traagheid van het voertuig, benutting van
de mogelijkheden tot vertraging en remmen bij afdalingen,
wat te doen in geval van defecte remmen;
1.3. Doelstelling : het brandstofverbruik kunnen
optimaliseren.
Optimalisering van het brandstofverbruik dankzij kennis
betreffende de punten 1.1 en 1.2.;
rijbewijs C, C+E, C1, C1+E
1.4. Doelstelling : een lading kunnen vervoeren met
inachtneming van de voorschriften inzake veiligheid en goed
gebruik van het voertuig.
Op rijdende voertuigen werkende krachten, afstemming van de
keuze van de versnelling op de belasting van het voertuig
en het profiel van de weg, berekening van het laadvermogen
van een voertuig of voertuigcombinatie, berekening van het
nuttige volume, verdeling van de belasting, gevolgen van
overbelasting van de as, stabiliteit van het voertuig en
zwaartepunt, soorten verpakking en pallets.
Voornaamste categorieën goederen die moeten worden
vastgezet, klem- en vastzettechnieken, gebruik van
sjorringen, controleren van vastzetinrichtingen, gebruik
van laad- en losmachines, aanbrenging en verwijdering van
dekzeilen;
rijbewijs D, D+E, D1, D1+E
1.5. Doelstelling : de veiligheid en het comfort van de
passagiers kunnen waarborgen.
IJking van de bewegingen in de lengte- en de zijrichting,
wegverdeling, plaats op de rijweg, soepel remmen, rijden
met een overbouw, gebruik van specifieke infrastructuur
(openbare plaatsen, voorbehouden rijvakken), beheersen van
conflicten tussen veilig rijden en de andere taken als
bestuurder, interactie met de passagiers, specifieke
kenmerken van het vervoer van bepaalde groepen personen
(gehandicapten, kinderen);
1.6. Doelstelling : een lading kunnen vervoeren met
inachtneming van de voorschriften inzake veiligheid en goed
gebruik van het voertuig.
Op rijdende voertuigen inwerkende krachten, afstemming van
de keuze van de versnelling op de belasting van het
voertuig en het profiel van de weg, berekening van het
laadvermogen van een voertuig of voertuigcombinatie,
verdeling van de belasting, gevolgen van overbelasting van
de as, stabiliteit van het voertuig en zwaartepunt;
2.
Toepassing van de voorschriften
rijbewijs C, C+E, C1, C1+E en
D, D+E, D1, D1+E
2.1. Doelstelling : kennis van het sociale klimaat en de
reglementering van het wegvervoer.
Specifiek voor de vervoersector geldende maximumwerktijden;
principes, toepassing en gevolgen van de Verordeningen
(EEG) nr. 3820/85 en nr. 3821/85; sancties op het niet
gebruiken, verkeerd gebruiken of knoeien met de tachograaf;
kennis van het sociale klimaat van het wegvervoer : rechten
en plichten van de bestuurders inzake basiskwalificatie en
nascholing;
rijbewijs C, C+E, C1, C1+E
2.2. Doelstelling : de regelgeving betreffende het
goederenvervoer kennen.
Documenten met betrekking tot vervoersexploitatie, uit
standaardcontracten voor goederenvervoer voortvloeiende
verplichtingen, opstelling van de documenten die het
vervoerscontract uitmaken, internationale
transportvergunningen, verplichtingen van het Verdrag
betreffende de Overeenkomst tot Internationaal Vervoer van
Goederen over de Weg, opstelling van de internationale
vrachtbrief, grensoverschrijdingen, expediteurs, de
goederen begeleidende speciale documenten;
rijbewijs D, D+E, D1, D1+E
2.3. Doelstelling : de regelgeving betreffende het
personenvervoer kennen.
Vervoer van specifieke groepen, veiligheidsuitrusting van
de bus, veiligheidsgordels, belasting van het
voertuig;
3.
Gezondheid, verkeers- en milieuveiligheid, dienstverlening,
logistiek
rijbewijs C, C+E, C1, C1+E en
D, D+E, D1, D1+E
3.1. Doelstelling : bedacht zijn op de gevaren van het
verkeer en op arbeidsongevallen.
Soorten arbeidsongevallen in de vervoersector, statistieken
van verkeersongevallen, betrokkenheid daarbij van
vrachtwagens/touringcars, gevolgen op menselijk, materieel
en financieel vlak;
3.2. Doelstelling : het kunnen voorkomen van criminaliteit
en vervoer van illegale immigranten.
Algemene informatie, gevolgen voor de bestuurders,
preventieve maatregelen, checklist, wetgeving inzake de
verantwoordelijkheid van de vervoerder;
3.3. Doelstelling : fysieke risico's kunnen voorkomen.
Ergonomische principes : risicohandelingen en -houdingen,
lichamelijke conditie, oefeningen in goederenbehandeling,
persoonlijke beschermingsmiddelen;
3.4. Doelstelling : zich bewust zijn van het belang van een
goede fysieke en mentale gezondheid.
Beginselen van een gezonde en evenwichtige voeding,
effecten van alcohol, medicijnen of andere stoffen die het
gedrag kunnen beïnvloeden, symptomen, oorzaken, effecten
van vermoeidheid en stress, fundamenteel belang van de
basiscyclus werk/rust;
3.5. Doelstelling : noodsituaties kunnen beoordelen.
Gedrag bij noodsituaties : inschatting van de situatie,
erger voorkomen, hulpdiensten waarschuwen, hulp verlenen
aan gewonden en eerstehulpverlening, optreden bij brand,
inzittenden van de vrachtwagen of passagiers van de bus
redden, de veiligheid van alle passagiers waarborgen,
reactie in geval van agressie; basisbeginselen invulling
schadeformulier;
3.6. Doelstelling : door zijn gedrag kunnen bijdragen aan
het imago van een onderneming.
Gedrag van de bestuurder en imago : belang voor de
onderneming van de kwaliteit van de dienstverlening door de
bestuurder, de taken van de bestuurder, personen waarmee
een bestuurder te maken krijgt, onderhoud van het voertuig,
organisatie van het werk, commerciële en financiële
gevolgen van een geschil;
rijbewijs C, C+E, C1, C1+E
3.7. Doelstelling : kennis van het economisch klimaat van
het goederenvervoer over de weg en van de marktordening.
Verhouding tussen het wegvervoer en de overige
vervoerstakken (concurrentie, verladers), verschillende
activiteiten in het wegvervoer (vervoer voor rekening van
derden, voor eigen rekening, aanvullende activiteiten),
organisatie van de voornaamste soorten
vervoersondernemingen of aanverwante transportactiviteiten,
gespecialiseerd vervoer (tankwagens, koelwagens, enz.),
ontwikkelingen in de sector (diversificatie van het
dienstenaanbod, railvervoer/wegvervoer, uitbesteding,
enz.);
rijbewijs D, D+E, D1, D1+E
3.8. Doelstelling : kennis van het economisch klimaat van
het personenvervoer over de weg en van de marktordening.
Verhouding tussen het personenvervoer over de weg en de
overige vervoerstakken (spoor, personenauto's),
verschillende activiteiten in het personenvervoer over de
weg, grensoverschrijdingen (internationaal vervoer),
organisatie van de voornaamste soorten ondernemingen voor
personenvervoer over de weg.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van
4 mei 2007 betreffende het rijbewijs, de vakbekwaamheid en
de nascholing van bestuurders van voertuigen van de
categorieën C, C+E, D, D+E en de subcategorieën C1, C1+E,
D1, D1+E.
Bijlage 2 (toegevoegd door
KB 18 sep 2008 - inwerking 10 sept 2008)
bij het koninklijk besluit van 4 mei 2007 betreffende het
rijbewijs, de vakbekwaamheid en de nascholing van
bestuurders van voertuigen van de categorieën C, C+E, D,
D+E en de subcategorieën C1, C1+E, D1, D1+E
I. Voorwaarden waaraan de lokalen van de
opleidingscentra moeten voldoen
De opleidingscentra moeten beschikken over de
hiernavolgende lokalen :
- een lokaal voor de administratie en voor het onthaal van
de kandidaten;
- een lokaal voor de theoretische lessen;
- sanitaire voorzieningen.
Het leslokaal moet beantwoorden aan volgende vereisten :
- voorzien zijn van tafels en stoelen;
- beschikken over didactisch materieel.
De lokalen mogen niet worden ingericht in een private
woning, noch in een drankgelegenheid.
II. Voorwaarden waaraan de terreinen -
gebruikt in het kader van de naschoolse praktijkopleiding -
moeten voldoen
Indien het opleidingscentrum - in het kader van een
naschoolse praktijkopleiding - gebruik maakt van een
terrein buiten het verkeer, moet dit terrein ontoegankelijk
zijn voor elke persoon extern aan het praktisch examen
alsook beantwoorden aan de volgende normen :
- minimale afmetingen voor de realisatie van
praktijkopleidingen in het opleidingscentrum;
- sterk en stabiel wegdek, aangepast aan de massa van de
voertuigen;
- hulpverleningsmateriaal : brandblusser van 5 kg - hulptas
- absorberend produkt voor olievlekken.
III.
Voorwaarden waaraan de
voertuigen - gebruikt in het kader van de naschoolse
praktijkopleiding - moeten voldoen
Indien het opleidingscentrum - in het kader van een
naschoolse praktijkopleiding - gebruik maakt van een
voertuig van de onderwezen categorie, moet dit voertuig
beantwoorden aan de voorwaarden van artikel 38 van het
koninklijk besluit van 23 maart 1998.
Gezien om gevoegd te worden bij ons besluit van 18
september 2008 tot wijziging van het koninklijk besluit van
4 mei 2007 betreffende het rijbewijs, de vakbekwaamheid en
de nascholing van bestuurders van voertuigen van de
categorieën C, C+E, D, D+E en de subcategorieën C1, C1+E,
D1, D1+E.