20 DECEMBER 1985. Verordening EEG n° 3821/85 van de raad, betreffende het controleapparaat in het wegvervoer
gewijzigd op 10 okt 1998 verordening EG nr 2135/98, 31 okt 2003 EG nr. 1882/03, 1 mei 2006 EG nr. 561/06 en 23 jan 2009 EG 68/2009
HOOFDSTUK V
Slotbepalingen
Artikel 17
- De wijzigingen die nodig zijn om de bijlagen aan te passen aan de vooruitgang van de techniek, worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 18.
- De technische specificaties betreffende de onderstaande punten van bijlage I B worden zo spoedig mogelijk en indien mogelijk voor 1 juli 1998 vastgesteld volgens dezelfde procedure:
a) hoofdstuk II:
- onder d), punt 17:
tonen en afdrukken van systeemfouten van het controleapparaat,
- onder d), punt 18:
tonen en afdrukken van fouten in de bestuurderskaart,
- onder d), punt 21:
tonen en afdrukken van overzichtsrapporten;
b) hoofdstuk III:
- onder a) punt 6.3:
normen voor de bescherming van de boordelektronica tegen elektrische interferentie en magnetische velden,
- onder a) punt 6.5:
bescherming (beveiliging) van het gehele systeem,
- onder c), punt 1:
waarschuwingssignalen bij interne defecten van het controleapparaat,
- onder c), punt 5:
vorm van de waarschuwingssignalen,
- onder f):
maximumtoleranties;
c) hoofdstuk IV, deel A:
- punt 4:
normen
- punt 5:
veiligheid, inclusief gegevensbescherming,
- punt 6:
temperatuurbereik
- punt 8:
elektrotechnische kenmerken,
- punt 9:
logische structuur van de bestuurderskaart,
- punt 10:
functies en commando's,
- punt 11:
hoofdbestanden;
hoofdstuk IV: deel B;
d) hoofdstuk V: printer en standaardafdrukken.";
(Art. 17 is vervangen bij art. 1, 10 Verord. Raad E.G. nr. 2135/98, 24 september 1998 (P.B., L. 274, 9 oktober 1998), met ingang van 10 oktober 1998)
Artikel 18
- De Commissie wordt bijgestaan door een comité.
- Wanneer naar dit artikel wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG(17) van toepassing, met inachtneming van het bepaalde in artikel 8 van dat besluit.
De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn wordt vastgesteld op drie maanden.
- Het comité stelt zijn reglement van orde vast.
(Art 18 vervangen bij
- art. 11 Verord. Raad E.G. nr. 2135/98, 24 september 1998 (P.B., L. 274, 9 oktober 1998), met ingang van 10 oktober 1998)
- art. 3 bijlage III EG nr. 1882/2003 (Publicatieblad Nr. L 284 van 31/10/2003 )
Artikel 19
- De Lid-Staten stellen, na raadpleging van de Commissie, tijdig de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van deze verordening.
Deze bepalingen hebben onder andere betrekking op de organisatie, de procedure en de controlemiddelen, alsmede op de sancties die bij overtreding kunnen worden toegepast.
- De Lid-Staten verlenen elkaar bijstand met het oog op de toepassing van deze verordening en de controle daarop.
- In het kader van deze wederzijdse bijstand wisselen de bevoegde instanties van de Lid-Staten regelmatig de beschikbare informatie uit over:
- de overtredingen van de bepalingen van deze verordening door niet-ingezetenen en elke sanctie die zij voor deze overtreidngen op hen hebben toegepast.
- de sancties die een Lid-Staat voor in een andere Lid-Staat begane overtredingen op zijn ingezetenen heeft toegepast.