|
|
De Proefrittenplaat
|
| Komen in aanmerking voor een Proefrittenplaat en het gebruik ervan: | ||
| Constructeurs of bouwers alsook hun mandatarissen | Art 5.1 | |
| Koetswerkmaker of hersteller, detailhandelaar | Art 5.2 | |
| De gewestelijke vervoermaatschappijen | Art 5.3 | |
| Onderzoekscentra van instellingen | Art 5.4 | |
| Het Logistiek Centrum van de Rijkswacht | Art 5.5 | |
| Aanvraag tot inschrijving - Bijvoegen van bepaalde documenten | Art 6 | |
| Afgifte van een Proefrittenplaat | Art 7 | |
| Vernieuwing van het zelfklevende vignet | Art 9 | |
| Afgifte van een proefrittenplaat nieuwe geldigheidsdatum | Art 10 | |
5.1. De bevoegde constructeurs of bouwers van motorvoertuigen of aanhangwagens alsook hun mandatarissen erkend overeenkomstig het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen of het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen, kunnen een inschrijving «proefritten» verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken:
5.1.1. na montage of herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;
5.1.2. voor demonstratie;
5.1.3. voor hun overbrenging naar een plaats van inscheping of van aankoop of van de plaats van ontscheping of van aankoop naar hun inrichtingen;
5.1.4. voor hun afstand; (verkoop en dergelijke)
5.1.5. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen;
5.1.6. om ze voor te rijden voor proefnemingen - evenals tijdens deze proefnemingen - te verrichten in het kader van de goedkeuring van een voertuig van een type dat het voorwerp dient te zijn van een goedkeuringsprocedure.
5.2. De personen die het beroep uitoefenen van koetswerkmaker of hersteller van motorvoertuigen of aanhangwagens, evenals de personen die het beroep uitoefenen van detailhandelaar in motor voertuigen of in aanhangwagens, kunnen een inschrijving «proefritten» verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken:
5.2.1. na montage of herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;
5.2.2. voor demonstratie;
5.2.3. voor hun overbrenging naar een plaats van inscheping of van aankoop of van de plaats van ontscheping of van aankoop naar hun inrichtingen;
5.2.4. voor hun afstand; (verkoop en dergelijke)
5.2.5. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.
5.3. De gewestelijke vervoermaatschappijen die, na het bewijs te hebben geleverd dat zij voldoende zijn uitgerust om zelf voor het onderhoud en de herstelling van hun eigen voertuigen in te staan, voorafgaandelijk van de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen machtiging voor de aanwending van «proefrittenplaten» hebben gekregen, kunnen een inschrijving «proefritten» verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken:
5.3.1. na herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;
5.3.2. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.
5.4. De onderzoekscentra van instellingen voor hoger onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid, die na het bewijs te hebben geleverd dat zij zich inzonderheid bezighouden met de techniek van de motorvoertuigen of aanhangwagens, voorafgaandelijk van de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen machtiging hebben gekregen voor de eventueel in tijd beperkte aanwending van «proefrittenplaten», kunnen een inschrijving «proefritten» verkrijgen voor voertuigen die zij gebruiken:
5.4.1. om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan in het kader van onderzoeksprojecten;
5.5. Het Logistiek Centrum van de Rijkswacht kan een inschrijving «proefritten» verkrijgen voor de motorvoertuigen of aanhangwagens die het gebruikt in de gevallen bedoeld in punt 5.1.
Art. 6
6.1. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving «proefritten»:
6.1.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;
6.1.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is:
6.1.3. een kopie van de erkenning die hun door het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur werd toegekend.
6.2. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving «proefritten»:
6.2.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;
6.2.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is:
6.2.3. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een «proefrittenplaat» moto) is dit document niet vereist, het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op de laatste dag van het voorlaatste volledig kwartaal ten opzichte van de datum van de aanvraag tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het eerste kwartaal van tewerkstelling of, bij ontstentenis hier van, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.
6.3. De personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3. en 5.4., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving «proef ritten» een kopie van de machtiging die hen krachtens hetzelfde artikel werd afgegeven.
Art. 7
7.1. De directie van de inschrijvingen bij het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur geeft het volgende
7.1.1. een «proefrittenplaat» en een bijbehorend inschrijvingsbewijs.
vb. ![]()
7.1.2. een zelfklevend vignet met vermelding van een jaartal. Dit vignet moet worden aangebracht op de «proefrittenplaat», op de specifiek daartoe voorziene plaats.
7.2. Het op het zelfklevende vignet vermelde jaartal bepaalt het jaar waarin de geldigheid van de inschrijving «proefritten» vervalt. De voor 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het lopende kalenderjaar; de vanaf 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het volgende kalenderjaar.
7.3. Het inschrijvingsbewijs vermeldt de uiterste geldigheidsdatum, namelijk «31/12/ » gevolgd door het jaartal van het zelfklevende vignet.
Art. 8
9.1. Tussen 1 oktober en 31 december van ieder jaar toont de houder van een inschrijving «proefritten» aan dat hij nog steeds alle voorwaarden vervult om deze inschrijving «proefritten» te behouden.
Daartoe dient hij bij de directie van de inschrijvingen bij het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur een aanvraag om vernieuwing van het zelfklevende vignet in door middel van het formulier bedoeld in artikel 4, punt 4.1., ingevuld overeenkomstig de bepalingen van artikel 4.
9.2. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing:
9.2.2. een verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke erkenning werd toegekend.
9.3. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing:
9.3.2. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een «proefrittenplaat» moto) is dit document niet vereist, het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op 30 juni van het lopende jaar tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het derde kwartaal van hetzelfde jaar of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.
9.4. De personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3. en 5.4., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing een persoonlijke verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke toelating werd verleend.
9.5. In voorkomend geval kan de Minister bevoegd voor het in schrijven van voertuigen of zijn gemachtigde eisen dat de houder van de te vernieuwen inschrijving «proefritten» hem elke andere inlichting of elk ander document bezorgt waardoor hij zich ervan kan vergewissen dat er nog steeds voldaan wordt aan al de in dit besluit vastgelegde voorwaarden om deze inschrijving «proefritten» te behouden. Zijn aanvraag moet gemotiveerd zijn.
Art. 10
Wanneer alle voorwaarden om een inschrijving «proefritten» te behouden daadwerkelijk vervuld zijn, geeft de directie van de inschrijvingen bij het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur een inschrijvingsbewijs met vermelding van de nieuwe uiterste geldigheidsdatum af.
Binnen dertig dagen die volgen op de datum van afgifte van het nieuwe inschrijvingsbewijs en met tegenoverlegging ervan verkrijgt de houder van betrokken inschrijving «proefritten» bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen, een zelfklevend vignet met vermelding van het nieuwe jaartal. De instelling brengt het vignet ter vervanging van het vorige op de «proefrittenplaat» aan op de specifiek daartoe bestemde plaats.
|
|||||
|
|
|